De lege landen
Ik zit in de trein naar Utrecht als ik mij plotsteling afvraag: waar is het wonder? Want alles wat ik zie bestaat zo ontzettend: struikjes, koetjes, boerderijen, er is geen speld tussen te krijgen.
Neem nou die haagbeuk: die staat daar maar aan de rand van een weiland. Beetje groen zijn. Beetje groeien. Het is allemaal zo van deze wereld!
Geef mij a.u.b. een wonder, een heel klein krasje in het diamant van de feiten, een mirakeltje van niets, er hoeft heus geen engel bij of donderstem.
Al is het maar die haagbeuk die op een mistige ochtend een beetje is verschoven. Dan weet ik genoeg.